Mijn zachte hart
Ik heb altijd een zacht hart gehad. Eentje met van die dikke kussentjes waar je in weg kunt zakken. Die het liefst iedereen een warm gevoel geeft. Die ervoor zorgt dat je je thuis voelt en dat je veilig en geborgen bent.
In de loop der jaren ben ik erachter gekomen dat lang niet iedereen diezelfde zachte kussens heeft. Ik heb weken, misschien wel maanden doorgebracht op doorgezakte veringen. Ik ben keihard in mijn rug geprikt als ik ontspannen achterover ging leunen. En anderen zagen er zacht uit, maar bleken vooral gevuld te zijn met een flinke dosis lucht.
Ik prijs mezelf gelukkig met mijn eigen zachte kussens. Op sommige dagen is er een extra dekentje nodig om me warm te houden. Heb ik een beetje extra aanmoediging nodig. En zo af en toe plak ik er een pleister op, om een klein krasje of gaatje te dichten. Maar die zachtheid? Die blijft.
Ik hoop dat ik hem nooit kwijtraak. Want ondanks dat er anderen zijn wiens hart het minder goed heeft getroffen, denk ik dat ook die mensen een beetje zachtheid – al dan niet voorzichtig – kunnen gebruiken. En dus probeer ik iedereen zoveel mogelijk te omringen met een beetje zachtheid van mij.