Maaike en Alex terug in de tijd: ridders, kastelen en sprookjes

Maaike en Alex terug in de tijd: ridders, kastelen en sprookjes

Zeggen dat je iets wil doen, maar het vervolgens niet doen, komt je dat bekend voor? Mij ook! Dus maakte ik begin dit jaar een bucketlist met een 12-tal activiteiten die ik in 2026 sowieso wil doen. Eén daarvan? Slapen in een kasteel!

Het eerste wat opvalt als we aan komen bij het kasteelhotel Burg Trendelburg is de loopbrug. Het kleine deurtje in de muur geeft toegang tot een gezellige binnenplaats met kasseiensteentjes. De voordeur is groot, massief en zwaar. Eenmaal ingecheckt, lopen we via de brede trap naar boven. En ook nu kraken de traptreden onder onze voeten en lijkt elk hoekje wel een museumpje op zich. Dit hotel ademt 'oud'. Ik grijns breed: dit is precies wat ik zocht!

Gebroeders Grimm

We zijn in het Duitse Trendelburg. Een klein en kneuterig dorpje op zo’n 3,5 uur rijden. Het kasteeltje is de publiekstrekker, want hier zit nogal wat geschiedenis.

Zo werd het rond 1300 gebouwd om de handelsroute tussen Kassel en Bremen te bewaken. Maar het werd nog bekender toen de gebroeders Grimm de regio bezochten. Zij gaven aan het sprookje Rapunzel - je weet wel, dat meisje wiens haren zó lang werden dat ze haar vlecht uit de toren gooide - een eigen, Duitse draai en raakten geïnspireerd door de 40 meter hoge toren.

Statieportret 

Als we onze suite binnenstappen, valt mijn oog meteen op het hemelbed waar housekeeping van handdoeken een zwanenpaartje heeft gemaakt. Eromheen liggen rozenblaadjes.

Daarna dwalen mijn ogen de rest van de kamer af. Er staat een massieve, ronde tafel met daaromheen een rood fluwelen bankje met gouden details en bijpassende stoelen. Er hangen statieportretten in antieke lijstjes. In de hoek van de kamer staat een secretaire waar ik mezelf wel aan zie schrijven. Het voelt een beetje alsof ik net de filmset van Downton Abbey ben opgestapt en een kamermeisje zo mijn haar komt vlechten. Spoiler alert: die kwam niet.

Flinke klim

Na een biertje op het bijbehorende terras, wandelen we het dorpje in waar één restaurantje is. We verorberen allebei een schnitzel. In Duitsland smaken ze altijd nét iets lekkerder dan thuis. Wat voelt dit als een cadeautje, zo eind april.

Om de schnitzel er weer af te lopen, beklimmen we de beroemde Rapunzeltoren. Eenmaal boven worden we op een prachtig uitzicht getrakteerd. Meteen begrijpen we waarom dit een strategisch punt was, want we kunnen kilometers ver kijken. Het enige verschil? Wij zien geen vijanden te paard aankomen.  

Duitse Sound of Music

De volgende ochtend schrijden we als ware leden van de koninklijke familie de trap af naar de ontbijtzaal. Uit de boxjes is een Duitse Sound of Music-achtig deuntje te horen. Hoe fout ook, op de een of andere manier past het hier wel.

Eenmaal uitgecheckt wandelen we via de loopbrug naar de parkeerplaats. Bij de auto werp ik nog een blik omhoog. Er hangt geen lange vlecht van Rapunzel uit de toren. En de ridders? Ik neem m’n eigen ridder gewoon weer mee naar huis.

Benieuwd naar wat er nog meer op mijn bucketlist staat? Binnenkort schrijf ik er meer over…